Een man koopt een appartement met toepassing van het 2%-tarief overdrachtsbelasting voor de eigen woning. Een dag na de levering komt hij vast te zitten in de lift. Een aanval van claustrofobie leidt tot het besluit de woning zo snel mogelijk te verkopen. De Belastingdienst legt vervolgens een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op met een bijheffing van 8,4% van de koopsom van de woning. Terecht?
